Tien klassieke valkuilen bij het plannen van je successie

14 augustus 2018
plannen successie

1. Zwijgen

“Het gaat over mijn geld! Spreken is zilver, zwijgen is goud…”
» Laat dit nu net niet gelden voor het plannen van je erfenis. Spreek erover met een expert en met je gezin.

​2. Wachten

“Het is te vroeg. Ik ben nog jong, er kan me niets overkomen.” “Ik ben wel al de 60 voorbij, maar nog fris van geest.”
» Voor successieplanning is het nooit te vroeg.3. Speculeren

“Na mijn overlijden valt alles wel in zijn plooi. Er zijn genoeg mogelijkheden om de gevolgen te beperken.”
» Een erfenis regelen na een overlijden is onmogelijk. Met speculatie schuif je de problemen alleen maar door naar je erfgenamen.

4. Niet updaten

“Ik ben ooit eens naar de notaris geweest, dus alles is in orde.”
» De wet wijzigt voortdurend. Regelmatig laten checken is de boodschap.

5. Frauderen

“Ik dien bewust een foute aangifte in, ze zullen mij wel niet controleren.”
» Fraude is nooit een oplossing. Je riskeert boetes en verbeurdverklaringen. Dat kan nooit de bedoeling zijn. In Vlaanderen worden ook meer aangiftes gecontroleerd.

6. Compliceren

“Ik moet mijn advocaat bellen om te weten hoe mijn successie in elkaar zit. Ik snap er zelf eigenlijk niets van.”
» Hou het simpel en laat je niet verleiden tot ingewikkelde structuren die vaak duur zijn. Vraag een second opinion.

7. Emotie boven ratio

“Ik weet dat ik één kind veel te veel heb gegeven, maar ja, ik heb er een boontje voor. De anderen hebben het minder nodig.”
» De basis voor een levenslange familieruzie…

8. Geven, maar eigenlijk niet… 

“Ik geef, maar onder zoveel voorwaarden dat het duidelijk niet van harte is.”
» Schenken en terugnemen kan niet (uitgezonderd tussen echtgenoten)

9. Bricoleren

“Ik dokter mijn planning zelf wel uit. Op Google vind je tal van gratis ontwerpovereenkomsten.”
» Dit is de beste garantie op fouten. Details maken het verschil. Laat je informeren door ‘dokter Google’, maar bespreek het met een expert.

10. Fiscaal plannen

“Ik wil dat mijn erfgenamen zo weinig mogelijk belasting betalen.”
» Wat als je 98 wordt? En wat met de langstlevende?
Straks kom je zelf geld te kort…