Leidt de meerwaardebelasting ook tot een hogere erfbelasting voor aandeelhouders? - Successiehuis

Leidt de meerwaardebelasting ook tot een hogere erfbelasting voor aandeelhouders?

7 mei 2025

In het eerste ontwerp inzake de belasting op behaalde meerwaarden dat recent werd bekendgemaakt was een opvallende passage gewijd aan de waardering van aandelen van niet beursgenoteerde aandelen. Met andere woorden aandelen van de typische Vlaamse kmo’s , management- en of patrimoniumvennootschappen.

Het zit als volgt: tegen ten laatste eind 2026 zou de waarde van elke vennootschap op 31 december 2025 in kaart moeten worden gebracht. Een titanenwerk waarvan menig accountant of revisor ‘s nachts nu al badend in het zweet wakker wordt. De aandeelhouder zal in de toekomst worden belast op de meerwaarde op zijn aandelen. De meerwaarde is het positieve verschil tussen de behaalde waarde bij een overdracht ten bezwarende titel van de aandelen en de aanschaffingswaarde zoals gewaardeerd op het ijkpunt (zijnde de waardering op 31 december 2025).

De verplichte waarderingsoefening, zal dus dienen als basis voor de te betalen meerwaardebelasting (als er effectief sprake is van een meerwaarde uiteraard).

Kernprobleem is de waardering zelf. In het ontwerp worden een aantal eenvoudige methodes voorgesteld. Maar de aandeelhouder heeft er geen belang bij om de waarde laag in te schatten. Die lage schatting zou er toe leiden dat mogelijks in de toekomst een zware pil aan meerwaardebelasting verschuldigd is. Een correcte waardering door een accountant of revisor lijkt dus aangewezen.

Maar stel dat de aandeelhouder/bedrijfsleider plots overlijdt. Dan moeten de erfgenamen de waarde van de geërfde aandelen mee opnemen in de aangifte nalatenschap. De opgestelde waardering in het kader van de meerwaardebelasting is dan waarschijnlijk voor de fiscus een logische basis. Een hoge ijkwaardering leidt zo tot een fors hogere erfbelasting, zeker indien de aandelen niet in aanmerking komen voor het gunsttarief voor familiale vennootschappen.

De erfgenamen zullen een goed dossier moeten hebben om de Vlaamse Belastingdienst te overtuigen van het feit dat de waarde van de aandelen zwaar afwijkt van de indertijd opgestelde waardering. Uiteraard kunnen een aantal slechte economische jaren een impact hebben op die waarde, maar dat zal minstens moeten worden aangetoond.

Conclusie:

De waarderingsoefening die nu op stapel staat voor elke aandeelhouder van een vennootschap is niet vrijblijvend. De bekomen waarde kan immers ook bij een overlijden de basis vormen voor de berekening van de erfbelasting.

Tenzij  de wakkere aandeelhouder dit ‘probleem’ mits  een goede voorafgaandelijke  planning reeds heeft ‘getackeld’.

Jo Viaene

Jo.viaene@successiehuis.be